De Onderwijsraad stelt in zijn rapport Internationaliseringsagenda voor het onderwijs 2006-2011 dat het onderwijs van hoog tot laag een internationaal karakter moet krijgen. BC Broekhin is al sinds 1993 actief op het gebied van internationalisering. In september van dat jaar werd de WEB (Workshop Exchange Broekhin) opgericht en inmiddels is Broekhin erin geslaagd een uitgebreid internationaliseringprogramma op te zetten dat leerlingen in contact brengt met andere culturen.
De grenzen in Europa zijn steeds minder duidelijk aanwezig. Het Europees denken neemt in het maatschappelijk functioneren een steeds belangrijker plaats in. BC Broekhin wil de bij haar afgestudeerde leerlingen voorbereiden op die veranderende maatschappij en daarom de leerlingen al gedurende de middelbare schooltijd de gelegenheid geven in aanraking te komen met culturen uit andere landen. Door contact te leggen met leeftijdsgenoten van buitenlandse scholen kunnen onze de leerlingen uitgroeien tot evenwichtige volwassenen die sociaal en maatschappelijk gezien beter functioneren in een Europese samenleving. Tevens worden de leerlingen op deze wijze beter voorbereid op hun verdere studie en kunnen ze mogelijk gemakkelijker een plaats vinden op de internationale arbeidsmarkt.
Op beperkte schaal worden al tijdens de basisvorming contacten gestimuleerd met scholen uit de Euregio. Zo heeft het BC Broekhin al meer dan tien jaar in 2 en 3 VWO een uitwisselingsproject met het Kreisgymnasium in Heinsberg (D). Recentelijk zijn in de tweede klassen samenwerkingsverbanden aangegaan met de Realschule in Ratheim (D), de Realschule Krefeld Oppum en het Onze-Lieve-Vrouwlyceum te Genk (B).
Het internationaliseringsbeleid in de bovenbouw is steeds meer gericht op het inbedden van projecten in de Tweede Fase en de Leerwegen. Zo worden internationale uitwisselingen gekoppeld aan vakken die daartoe opdrachten hebben opgenomen in hun Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA). Daarmee wordt invulling gegeven aan het “andere leren” dat op BC Broekhin is geïntroduceerd en dat beoogt leerlingen buiten het schoollokaal kennis op te laten doen. De gemaakte opdrachten maken deel uit van de examenstof en worden als zodanig beoordeeld. Goede voorbeelden zijn de geplande uitwisselingen met het Liceo Classico Convitto Nazionale Umberto I, Turijn (I), het Pasaio-Lezo Lizeoa te Pasaia (E) en het lycee Romain Rolland te Stara Zagora (BG) voor 4 HAVO, het Lycee Augustin Fresnel te Bernay (F), het Collegio National Ienachite Vacarescu te Targovista (RO) en het Externato de Penafi rme te Santa Cruz (P) voor 4 VWO. Speciaal voor het Tweetalig Onderwijs zijn uitwisselingen opgezet met de Tynecastle High School en de Craig Mount High School te Edinburgh (GB).
De deelname van leerlingen aan de uitwisselingen geschiedt op vrijwillige basis, hetgeen de betrokken vakkenverplicht om ook een alternatief aan te bieden in hun PTA. Direct na de uitwisselingen wordt geëvalueerd en bekeken of in het volgend schooljaar aanpassingen met betrekking tot de inhoud van het programma moeten worden doorgevoerd.
Sommige vakken hebben een buitenlandse studiereis in hun curriculum opgenomen. De inhoud van de studiereis wordt in hoge mate bepaald door de wensen betreffende kennisoverdracht op het vakgebied. Met name de sectie Tekenen (studiereis Parijs) en de sectie Klassieken (studiereis Rome) maken gebruik van deze mogelijkheid. Aan de uitwisseling met het Kreisgymnasium in Heinsberg is een reis naar Berlijn gekoppeld, die samen met de Duitse partners inhoud wordt gegeven. Leerlingen die participeren in het Internationaal Baccalaureaat krijgen de gelegenheid om een week in Zuid-Engeland door te brengen. Voor de studiereizen gelden dezelfde beleidsuitgangspunten als voor uitwisselingen.
Leerlingen en docenten van het BC Broekhin zijn zich ervan bewust dat de deelnemers tijdens hun verblijf in het buitenland scholing volgen, zij het dat het lesprogramma anders wordt ingevuld. De leerkracht die een leerling gedurende een bepaalde periode mist, realiseert zich dat de betreffende leerling na terugkomst iets meer steun nodig zal hebben. Dit kan betekenen een extra uitleg van de gemiste stof of het inhalen van een toets. In geen geval wordt de leerling benadeeld voor het feit dat hij voor het internationale contact heeft gekozen. Anderzijds dienen de deelnemende leerlingen zelfstandig de opgelopen achterstand in het reguliere schoolprogramma in te halen. Ook kunnen deelnemende leerlingen worden verplicht om bepaalde taken voorafgaand aan de uitwisseling uit te voeren, zulks zelfs in de voorwaardelijke sfeer. In alle gevallen verplicht de leerling zich middels de inschrijving ertoe dat de door de school gestelde voorwaarden worden nagekomen.
Uitgaande van de verwachte zelfstandigheid van de leerling in de Basisvorming, de Leerwegen en de Tweede Fase kan internationalisering op deze wijze essentieel bijdragen aan de onderwijskundige doelstellingen die voor de leerlingen zijn opgesteld.